Titre
Liederen en gedichten
Auteur
Hooft, P.C.
Langue
néerlandais
ISBN
9789025301989
Éditeur
Athenaeum - Polak & van Gennep
Prix
€ 17,17
Détails
2004, 175pp, paperback/Als nieuw
Plus d'informations
Samenvatting
Fonkelende ogen, brandende harten, glanzende sterren en de vlammende zon: de gedichten van Pieter Cornelisz. Hooft stralen van het licht. Met zijn poëzie bewees hij dat de Nederlandse taal in niets hoefde onder te doen voor het Frans of het Italiaans. Schijnbaar moeiteloos overwon Hooft de problemen die dichters voor hem nog hadden met het ritme en de versvormen van de Renaissance en schreef hij zijn elegante sonnetten en sierlijke liederen.
Hooft is vooral bekend gebleven vanwege zijn liefdespoëzie. Hij was vaak en hartstochtelijk verliefd en schreef dan de mooiste gedichten. Hij voegde zich daarbij naar de Europese, op Petrarca geïnspireerde mode, maar wist door zijn talent, vakmanschap en persoonlijke inbreng toch een eigen geluid te vinden. Zijn gedichten laten zich lezen als een amoureuze autobiografie.
Daarnaast heeft zijn auteurschap ook een maatschappelijke kant. Zo dichtte hij over goed leiderschap en het belang van vrede, en over de grillen van het lot en de manieren waarop de mens zich daartegen kan wapenen.
"Pieter Corneliszoon Hooft (Amsterdam, 16 maart 1581 - Den Haag, 21 mei 1647) was een Nederlandse dichter, toneelschrijver en historicus, alsmede drost van Muiden en baljuw van Naarden. Hooft werd de meest karakteristieke exponent van de renaissance in Nederland en introduceerde de renaissancistische vormen in de Nederlandse literatuur. In het eerste kwart van de zeventiende eeuw schiep Hooft zowel in de lyriek als in het drama de modelwerken waaraan de andere literatoren zich zouden optrekken.[1] Literatuurcriticus Kees Fens noemde hem 'de eerste moderne dichter' in de Nederlandse taal.[2] Voorzien van een gedegen opleiding reisde Hooft van 1598 tot 1601 door Frankrijk en Italië. Na terugkeer voltooide hij in 1606 zijn rechtenstudie en beleefde enkele amoureuze avonturen voordat hij in 1610 Christina van Erp huwde. Zijn benoeming tot baljuw van Gooiland in 1609 gaf hem de gelegenheid zich op het Muiderslot te vestigen, waarvan hij een intellectueel-artistiek centrum maakte, dat in de negentiende eeuw de Muiderkring genoemd werd. Ook werden de taalkundige kwesties die Hooft bezighielden besproken, zoals spelling, naamvalsleer, en een zuivere woordkeus. In 1615 overleed een van zijn vier kinderen; nadat in de jaren van 1620 tot en met 1624 ook zijn andere kinderen en zijn echtgenote overleden[3], raakte Hooft in een diepe crisis, waaraan een einde kwam toen hij in 1627 een tweede huwelijk sloot, met weduwe Leonora Hellemans, die twee dochters meenam. Uit dit huwelijk werden een dochter en een zoon geboren. Zijn resterende jaren wijdde hij aan zijn bestuurlijke taken en het schrijven van de Nederlandsche Historien. In het begin van de zeventiende eeuw schreef hij veel sonnetten en liefdesliederen, in 1611 verschenen in Hoofts debuutbundel Emblemata amatoria, waarmee hij die genres in het Nederlands introduceerde. Zij blinken uit door de combinatie van oorspronkelijkheid en beheersing van conventie, en frisheid aan diepgang. De verbinding van volkse kracht met het vermogen om schoonheid te scheppen stempelen hem tot 'onze renaissancist bij uitstek'.[4] Hooft baseerde zich op Italiaanse modellen. In 1605 schreef hij de pastorale tragedie Granida, naar de herdersspelen van Guarini en Tasso. Met zijn Senecaanse tragedie Geeraerdt van Velsen uit 1613 introduceerde hij de eenheid van plaats in het Nederlandse drama.[5] De komedie Warenar uit 1616, zijn bekendste werk, is gebaseerd op Aulularia van Plautus. In 1618 begon Hooft aan zijn eerste historische werk, de biografie van Hendrik IV van Frankrijk: Hendrik de Groote, zijn leven en bedrijf verscheen in 1626 en leverde hem in 1639 een Franse riddertitel op. Van 1629 tot 1636 vertaalde hij Tacitus, bij wijze van vingeroefening voor de Nederlandsche Historien, het grote geschiedwerk waaraan hij in 1628 was begonnen. De eerste twintig boeken daarvan waren in 1638 voltooid en verschenen in 1642. Ten tijde van zijn overlijden in 1647 waren nog eens zeven boeken van dit project gereed.
(Bron: Wikipedia. Beschikbaar onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen.)"
Fonkelende ogen, brandende harten, glanzende sterren en de vlammende zon: de gedichten van Pieter Cornelisz. Hooft stralen van het licht. Met zijn poëzie bewees hij dat de Nederlandse taal in niets hoefde onder te doen voor het Frans of het Italiaans. Schijnbaar moeiteloos overwon Hooft de problemen die dichters voor hem nog hadden met het ritme en de versvormen van de Renaissance en schreef hij zijn elegante sonnetten en sierlijke liederen.
Hooft is vooral bekend gebleven vanwege zijn liefdespoëzie. Hij was vaak en hartstochtelijk verliefd en schreef dan de mooiste gedichten. Hij voegde zich daarbij naar de Europese, op Petrarca geïnspireerde mode, maar wist door zijn talent, vakmanschap en persoonlijke inbreng toch een eigen geluid te vinden. Zijn gedichten laten zich lezen als een amoureuze autobiografie.
Daarnaast heeft zijn auteurschap ook een maatschappelijke kant. Zo dichtte hij over goed leiderschap en het belang van vrede, en over de grillen van het lot en de manieren waarop de mens zich daartegen kan wapenen.
"Pieter Corneliszoon Hooft (Amsterdam, 16 maart 1581 - Den Haag, 21 mei 1647) was een Nederlandse dichter, toneelschrijver en historicus, alsmede drost van Muiden en baljuw van Naarden. Hooft werd de meest karakteristieke exponent van de renaissance in Nederland en introduceerde de renaissancistische vormen in de Nederlandse literatuur. In het eerste kwart van de zeventiende eeuw schiep Hooft zowel in de lyriek als in het drama de modelwerken waaraan de andere literatoren zich zouden optrekken.[1] Literatuurcriticus Kees Fens noemde hem 'de eerste moderne dichter' in de Nederlandse taal.[2] Voorzien van een gedegen opleiding reisde Hooft van 1598 tot 1601 door Frankrijk en Italië. Na terugkeer voltooide hij in 1606 zijn rechtenstudie en beleefde enkele amoureuze avonturen voordat hij in 1610 Christina van Erp huwde. Zijn benoeming tot baljuw van Gooiland in 1609 gaf hem de gelegenheid zich op het Muiderslot te vestigen, waarvan hij een intellectueel-artistiek centrum maakte, dat in de negentiende eeuw de Muiderkring genoemd werd. Ook werden de taalkundige kwesties die Hooft bezighielden besproken, zoals spelling, naamvalsleer, en een zuivere woordkeus. In 1615 overleed een van zijn vier kinderen; nadat in de jaren van 1620 tot en met 1624 ook zijn andere kinderen en zijn echtgenote overleden[3], raakte Hooft in een diepe crisis, waaraan een einde kwam toen hij in 1627 een tweede huwelijk sloot, met weduwe Leonora Hellemans, die twee dochters meenam. Uit dit huwelijk werden een dochter en een zoon geboren. Zijn resterende jaren wijdde hij aan zijn bestuurlijke taken en het schrijven van de Nederlandsche Historien. In het begin van de zeventiende eeuw schreef hij veel sonnetten en liefdesliederen, in 1611 verschenen in Hoofts debuutbundel Emblemata amatoria, waarmee hij die genres in het Nederlands introduceerde. Zij blinken uit door de combinatie van oorspronkelijkheid en beheersing van conventie, en frisheid aan diepgang. De verbinding van volkse kracht met het vermogen om schoonheid te scheppen stempelen hem tot 'onze renaissancist bij uitstek'.[4] Hooft baseerde zich op Italiaanse modellen. In 1605 schreef hij de pastorale tragedie Granida, naar de herdersspelen van Guarini en Tasso. Met zijn Senecaanse tragedie Geeraerdt van Velsen uit 1613 introduceerde hij de eenheid van plaats in het Nederlandse drama.[5] De komedie Warenar uit 1616, zijn bekendste werk, is gebaseerd op Aulularia van Plautus. In 1618 begon Hooft aan zijn eerste historische werk, de biografie van Hendrik IV van Frankrijk: Hendrik de Groote, zijn leven en bedrijf verscheen in 1626 en leverde hem in 1639 een Franse riddertitel op. Van 1629 tot 1636 vertaalde hij Tacitus, bij wijze van vingeroefening voor de Nederlandsche Historien, het grote geschiedwerk waaraan hij in 1628 was begonnen. De eerste twintig boeken daarvan waren in 1638 voltooid en verschenen in 1642. Ten tijde van zijn overlijden in 1647 waren nog eens zeven boeken van dit project gereed.
(Bron: Wikipedia. Beschikbaar onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen.)"
Images
Vrouwtje Twinkel
Leeuwarden
Goed verpakt en snel geleverd. LET OP!! Wegens enorme prijzenoorlog in 2e handsboeken kan ik niet alles meer bijbenen. Het kan zo zijn dat mijn boeken veel te duur geprijsd zijn, mocht u dat zien en toch het boek graag willen stuur me dan een mail en dan kijken we even wat ik hier aan kan doen. Tevens heb ik mijn website op bol.com staan onder mijn website, hier vindt u nog veeeeel meer boeken ook daar kunt u me over mailen zodat we de prijs kunnen aanpassen!!
- Tous les livres sont en état complet et normal, sauf indication contraire. De petites imperfections comme une page collée ou un nom sur la feuille ne sont pas toujours mentionnés
- Vous gérez directement cette commande avec Vrouwtje Twinkel
- Après votre commande vous et Vrouwtje Twinkel recevrez une confirmation par e-mail. Dans l'e-mail que vous pouvez trouver, vous pouvez trouver le nom et l'adresse de Vrouwtje Twinkel
- L'acheteur paie les frais de livraison, sauf accord contraire
- Vrouwtje Twinkel peut demander un prépaiement
- Boekwinkeltjes.nl essaie de rapprocher les acheteurs et les vendeurs. Boekwinkeltjes.nl n'est jamais impliqué dans un accord entre l'acheteur et le vendeur. Si vous avez un différend avec un ou plusieurs utilisateurs, vous devez le réparer vous-même. Vous indemnisez Boekwinkeltjes.nl de toute réclamation.